1 + 1 = 3

We leven in een tijd waarin het accent sterk op het individu ligt.

Als iets wringt, kijken we naar onszelf. Wat moet ík veranderen? Wat doe ík verkeerd?

Maar niemand staat op zichzelf.

In therapie kijken we naar drie niveaus:

  • jij als individu
  • de interactie tussen mensen
  • de groep als geheel

Een docent gaf ooit het voorbeeld van een team dat hij begeleidde.

Rond het jaarlijkse teametentje hing iets ongemakkelijks. Wanneer het etentje ter sprake kwam, veranderde er iets in de sfeer.

Hij stelde een eenvoudige vraag:

“Hebben jullie eigenlijk zin in dat etentje?”

Eén voor één zei elk teamlid dat ze liever niet gingen. Zonder uitzondering.

Toen werd voorgesteld het etentje te schrappen.

En plots veranderde de toon.

  • “Dat kunnen we toch niet maken.”
  • “Dat is niet goed voor de teamgeest.”
  • “Wat gaan de anderen denken?”

Maar wie waren “de anderen”?

Niemand van het team wilde gaan.

Toch leek het alsof de groep een eigen stem had. Alsof “het team” een aparte entiteit was die teleurgesteld of boos kon zijn.

Dat is wat we bedoelen met 1 + 1 = 3.

Wanneer mensen samenkomen, ontstaat er iets nieuws. Een derde niveau. Met eigen druk, eigen verwachtingen.

Niet alles wat je voelt, is van jou alleen.

Dat inzicht kan opluchten — omdat je niet alles automatisch op jezelf hoeft te betrekken.

Maar het kan ook scherper maken welk deel wél van jou is.

Waar jij verantwoordelijkheid kan nemen.

Waar jij keuzes kan maken.

Helderheid brengt beweging, door precies te zien wat waar hoort.

Misschien helpt het om jezelf af te vragen:

wat is van mij — en wat niet?

Herken je hier iets van jezelf in?